Leer beter vooruitkijken, je spiegels goed gebruiken en verkeerssituaties eerder herkennen.
Hoe verbeter je je kijktechniek tijdens het autorijden?
Goed kijken is een van de belangrijkste onderdelen van autorijden. Toch is “goed kijken” veel meer dan alleen regelmatig in je spiegels kijken.
Een goede kijktechniek betekent dat je voortdurend informatie verzamelt uit je omgeving. Je kijkt ver vooruit, gebruikt je spiegels op de juiste momenten, kijkt naar zijwegen en kruispunten en probeert te voorspellen wat andere weggebruikers kunnen gaan doen.
Tijdens rijlessen zien we regelmatig dat leerlingen wel kijken, maar de informatie vervolgens te laat verwerken. Of ze kijken vooral vlak voor de auto, waardoor verkeerssituaties onverwacht lijken te ontstaan.
Een goede kijktechniek geeft je juist tijd. En hoe meer tijd je hebt, hoe rustiger je verkeerssituaties kunt oplossen.
In dit artikel leggen we vanuit de praktijk uit hoe je je kijktechniek tijdens het autorijden kunt verbeteren.
Wat is een goede kijktechniek tijdens het autorijden?
Een goede kijktechniek betekent dat je niet alleen kijkt naar wat er nú gebeurt, maar ook probeert te zien wat er straks kan gebeuren.
Je verdeelt je aandacht over verschillende gebieden:
- ver vooruit;
- dichter voor de auto;
- binnenspiegel;
- buitenspiegels;
- zijwegen;
- kruispunten;
- fietsers en voetgangers;
- verkeersborden en verkeerslichten;
- mogelijke gevaren naast de rijbaan.
Je ogen zijn dus voortdurend bezig informatie te verzamelen.
Daarbij is ver vooruit kijken tijdens het autorijden een van de belangrijkste onderdelen.
Hoe eerder je iets ziet, hoe meer tijd je hebt om te bepalen wat je ermee moet doen.
Goed kijken is meer dan alleen je spiegels gebruiken
Sommige leerlingen denken bij kijktechniek vooral aan:
Binnenspiegel, buitenspiegel, over de schouder.
Dat hoort erbij, maar goede kijktechniek is veel breder.
Stel dat je verderop een kruispunt ziet.
Dan wil je niet alleen weten wat er achter je rijdt. Je wilt ook weten:
- wat voor kruispunt het is;
- hoe het zicht is;
- welke verkeersborden er staan;
- of er fietsers aankomen;
- of er voetgangers zijn;
- wat verkeer uit zijwegen doet;
- welke snelheid bij de situatie past.
Goed kijken betekent dus vooral dat je de juiste informatie op het juiste moment verzamelt.
Waarom kijken beginnende leerlingen vaak te dichtbij?
Tijdens je eerste rijles moet je ontzettend veel tegelijk leren.
Je bent bezig met:
- sturen;
- gas geven;
- remmen;
- schakelen;
- koppeling;
- positie op de weg;
- verkeer om je heen.
Daardoor kijken veel beginnende leerlingen automatisch vrij dicht voor de auto.
Dat is begrijpelijk.
Je wilt bijvoorbeeld controleren of je netjes tussen de lijnen rijdt of hoe dicht je bij de stoeprand bent.
Maar naarmate de bediening van de auto automatischer wordt, moet je blik steeds verder naar buiten en naar voren gaan.
Je gaat van:
de auto besturen
naar:
de verkeerssituatie besturen.
Dat is een belangrijke stap in je rijopleiding.
Waarom is te dichtbij kijken een probleem?
Wanneer je voornamelijk vlak voor de auto kijkt, zie je verkeerssituaties later.
Daardoor heb je minder tijd om te reageren.
Je ziet bijvoorbeeld pas laat:
- dat een verkeerslicht rood is;
- dat verkeer verderop remt;
- dat er een rotonde aankomt;
- dat een fietser richting een kruispunt rijdt;
- dat een rijstrook ophoudt;
- dat iemand wil oversteken.
Vervolgens moet alles ineens snel.
Je moet kijken, remmen, schakelen, beslissen en sturen.
Vaak lijkt het dan alsof een leerling moeite heeft met meerdere onderdelen tegelijk, terwijl de oorzaak eerder ligt:
de situatie is te laat gezien.
Kijk ver genoeg vooruit
Een goede kijktechniek begint daarom met vooruitkijken.
Probeer niet alleen naar de auto direct vóór je te kijken.
Kijk verder.
Wat gebeurt er twee of drie auto’s verderop?
Zie je remlichten?
Komt er een kruispunt?
Staat er verderop een verkeerslicht?
Zie je een rotonde?
Verandert de weg?
Wanneer je verder vooruit kijkt, kun je eerder beginnen met je voorbereiding.
Precies daarom is ver vooruit kijken tijdens het autorijden zo belangrijk.
Kijk niet naar één vast punt
Ver vooruit kijken betekent niet dat je minutenlang naar één punt in de verte moet staren.
Je blik moet bewegen.
Je kijkt bijvoorbeeld:
vooruit → spiegel → vooruit → zijweg → vooruit → spiegel
Welke volgorde nodig is, hangt af van de situatie.
Er bestaat dus geen simpel rijtje dat je iedere paar seconden mechanisch moet uitvoeren.
Goed kijken moet functioneel zijn.
Je kijkt omdat je informatie nodig hebt.
Wanneer kijk je in je spiegels?
Je spiegels gebruik je regelmatig én wanneer je iets gaat veranderen.
Denk bijvoorbeeld aan:
- snelheid verminderen;
- afslaan;
- van rijstrook veranderen;
- invoegen;
- uitvoegen;
- inhalen;
- stoppen;
- wegrijden.
Voordat je een handeling uitvoert, wil je weten wat er achter en naast je gebeurt.
Stel dat je verderop ziet dat je rechtsaf moet.
Doordat je dat vroeg ziet, kun je ook eerder je spiegels gebruiken en bepalen of er bijvoorbeeld een fietser achter je rijdt.
Vooruitkijken en spiegelen werken dus samen.
Waarom moet je vóór het remmen kijken?
Wanneer je snelheid gaat verminderen, is het belangrijk om te weten wat er achter je rijdt.
Stel dat je een verkeerslicht ziet en wilt gaan remmen.
Door eerst informatie uit je spiegels te verzamelen weet je bijvoorbeeld of iemand heel dicht achter je rijdt.
Dat betekent niet dat je niet mag remmen wanneer iemand achter je zit.
Maar je bent je wel bewust van de complete verkeerssituatie.
Goed kijkgedrag zorgt ervoor dat je niet alleen reageert op wat vóór je gebeurt.
Kijkgedrag in verschillende verkeerssituaties
Kijkgedrag bij rechts afslaan
Bij rechts afslaan wil je op tijd weten wat er rechts naast en achter je gebeurt.
Denk vooral aan fietsers en bromfietsers.
Wanneer je pas vlak voor de bocht begint te kijken, moet je in korte tijd heel veel informatie verwerken.
Zie je de afslag eerder, dan kun je je kijkgedrag beter verdelen.
Je weet waar je naartoe wilt, controleert tijdig wat er achter en naast je gebeurt en kunt je snelheid rustig aanpassen.
Dat maakt de hele handeling veiliger en rustiger.
Kijkgedrag bij links afslaan
Ook bij links afslaan moet je meerdere verkeersstromen tegelijk beoordelen.
Je hebt mogelijk te maken met:
- tegemoetkomend verkeer;
- fietsers;
- voetgangers;
- verkeer achter je;
- verkeer uit zijwegen.
Begin daarom vroeg met informatie verzamelen.
Wanneer je pas begint te kijken als je al bijna moet afslaan, ontstaat er tijdsdruk.
En tijdsdruk zorgt vaak voor fouten.
Kijktechniek bij kruispunten
Bij kruispunten is een goede kijktechniek ontzettend belangrijk.
Probeer eerst te bepalen:
Wat voor kruispunt komt eraan?
Daarna kijk je onder andere naar:
- verkeersborden;
- wegmarkeringen;
- verkeer van links;
- verkeer van rechts;
- fietsers;
- voetgangers;
- zichtbelemmeringen.
Bij een onoverzichtelijk kruispunt moet je soms je snelheid verder verminderen om voldoende tijd te krijgen om te kijken.
Snelheid en kijkgedrag horen daarom sterk bij elkaar.
Je kunt niet goed waarnemen wanneer je jezelf te weinig tijd geeft.
Kijktechniek op een rotonde
Een rotonde vraagt veel informatie in korte tijd.
Je wilt onder andere weten:
- welk verkeer al op de rotonde rijdt;
- of er fietsers zijn;
- waar je de rotonde gaat verlaten;
- wat verkeer vóór je doet;
- wat er achter je rijdt.
Begin daarom niet pas met kijken wanneer je al bijna op de rotonde bent.
Een goede bestuurder verzamelt vooraf al informatie.
Daardoor kun je met een passend tempo de rotonde naderen en hoef je niet alles op het laatste moment op te lossen.
Kijktechniek op de snelweg
Op de snelweg leg je door de hogere snelheid veel meters per seconde af.
Daardoor moet je verder vooruit kijken.
Kijk niet alleen naar de auto vóór je.
Probeer te zien wat er verderop in de verkeersstroom gebeurt.
Zie je meerdere auto’s remmen?
Dan kun jij vaak al gas loslaten voordat je directe voorligger stevig begint te remmen.
Bij invoegen en uitvoegen zijn je spiegels natuurlijk extra belangrijk.
Je wilt vroeg weten:
- waar andere voertuigen rijden;
- hoe snel ze rijden;
- waar ruimte ontstaat;
- waar jij veilig tussen kunt komen.
Ook hierbij geldt: hoe eerder je informatie verzamelt, hoe minder je op het laatste moment hoeft op te lossen.
Kijk waar je naartoe wilt
Je kijkrichting beïnvloedt ook je stuurgedrag.
Dit merk je vooral in bochten.
Wanneer je vlak vóór de auto naar de rand van de weg blijft kijken, wordt sturen vaak onrustig.
Kijk je verder door de bocht naar waar je naartoe wilt, dan volgt je stuurbeweging meestal veel natuurlijker.
Dit geldt ook bij:
- rotondes;
- afslaan;
- invoegen;
- uitvoegen.
Je blik helpt als het ware de richting van de auto bepalen.
Kijken is niet hetzelfde als zien
Dit is misschien wel een van de belangrijkste lessen.
Je kunt ergens naar kijken zonder de informatie daadwerkelijk te verwerken.
Een leerling kan bijvoorbeeld keurig in de binnenspiegel kijken, maar vijf seconden later niet weten welke auto erachter reed.
Dan heeft het kijken weinig opgeleverd.
Stel jezelf daarom tijdens het rijden regelmatig de vraag:
Wat heb ik gezien en wat betekent dat voor mijn plan?
Dat is het verschil tussen alleen kijken en daadwerkelijk waarnemen.
Van waarnemen naar voorspellen
Een volgende stap is voorspellen.
Zie je een bal bij de rijbaan?
Dan kan er een kind achteraan komen.
Zie je een auto bij een uitrit?
Dan kan die gaan wegrijden.
Zie je iemand richting een zebrapad lopen?
Dan kan die persoon oversteken.
Zie je een fietser achter je terwijl je rechtsaf wilt?
Dan kan die straks naast je rijden.
Goed verkeersinzicht ontstaat wanneer je niet alleen ziet wat er is, maar ook nadenkt over wat er kan gebeuren.
De hardop-denkmethode helpt je kijktechniek verbeteren
Een methode die tijdens rijlessen goed kan werken is de hardop-denkmethode tijdens de rijles.
Daarbij benoem je hardop wat je ziet en wat je ermee gaat doen.
Bijvoorbeeld:
“Verderop zie ik een kruispunt. Het zicht naar rechts is slecht, dus ik haal mijn snelheid eruit zodat ik straks voldoende tijd heb om te kijken.”
Of:
“Ik zie een fietser achter mij en ik moet verderop rechtsaf. Ik houd er rekening mee dat die fietser straks naast mij kan zitten.”
Door dit hardop te benoemen wordt zichtbaar hoe je informatie verwerkt.
Voor de instructeur is dat handig, maar uiteindelijk train je vooral jezelf.
Kijktechniek en zelfstandig rijden
Aan het begin van de rijopleiding helpt je instructeur nog veel.
De instructeur zegt bijvoorbeeld:
“Let even op die fietser.”
Of:
“Kijk eens verder vooruit.”
Later moet jij deze situaties zelf gaan herkennen.
Dat is een belangrijk onderdeel van zelfstandig rijden.
Een instructeur kan pas steeds meer loslaten wanneer jij zelf informatie verzamelt, situaties herkent en een plan maakt.
Dat speelt daarom ook een belangrijke rol bij de vraag wanneer je klaar bent voor het praktijkexamen.
Kijktechniek tijdens het praktijkexamen
Tijdens het praktijkexamen bij het CBR gaat het erom dat uit je rijgedrag blijkt dat je voldoende informatie verzamelt en die informatie gebruikt om veilig te rijden. Goed kijken, verkeerssituaties tijdig herkennen en vooruitdenken zijn belangrijke onderdelen van zelfstandig rijden.
Wanneer je goed kijkt:
- herken je gevaar eerder;
- pas je tijdig je snelheid aan;
- zie je andere verkeersdeelnemers;
- kun je beter anticiperen;
- maak je eerder een plan.
Een verkeerde of te late kijktechniek kan juist leiden tot verschillende meest gemaakte fouten tijdens het rijexamen.
Moet je overdreven kijken tijdens je rijexamen?
Nee.
Dit zien we soms gebeuren.
Een leerling weet dat de examinator op het kijkgedrag let en gaat daardoor ineens overdreven met het hoofd bewegen.
Dat is niet de bedoeling.
Je hoeft niet te bewijzen dat je kijkt door er een toneelstuk van te maken.
Kijk zoals nodig is voor de verkeerssituatie en zorg vooral dat je de informatie daadwerkelijk gebruikt.
Functioneel kijken is belangrijker dan overdreven kijken.
Kijkgedrag en zenuwen
Spanning kan invloed hebben op je kijkgedrag.
Wanneer je erg gespannen bent, kan je aandacht smaller worden. Je kijkt dan soms vooral naar wat er direct vóór je gebeurt.
Daardoor zie je minder van de totale verkeerssituatie.
Het oefenen van een vaste, functionele kijktechniek kan daarom ook helpen bij zenuwen voor je rijexamen.
Wanneer ernstige examenspanning ervoor zorgt dat je tijdens een normaal examen niet kunt laten zien wat je tijdens de lessen wel beheerst, kan een faalangstexamen bij het CBR in sommige situaties een mogelijkheid zijn.
Veelgemaakte kijkfouten tijdens rijles
Een aantal dingen zien we regelmatig terug:
- te kort voor de auto kijken;
- te lang naar één punt kijken;
- spiegels gebruiken zonder de informatie te verwerken;
- zijwegen te laat bekijken;
- pas kijken wanneer de handeling al begonnen is;
- onvoldoende rekening houden met fietsers;
- te laat over de schouder kijken;
- na het kijken te lang wachten voordat je handelt;
- alleen kijken waar je nú rijdt en niet waar je straks rijdt.
Het goede nieuws is dat kijkgedrag trainbaar is.
Hoe kun je je kijktechniek oefenen?
Probeer tijdens een rijles niet tien dingen tegelijk te verbeteren.
Kies bijvoorbeeld één aandachtspunt.
Oefening 1 – Kijk verder vooruit
Benoem regelmatig wat je in de verte ziet.
Daarbij kun je de principes uit ver vooruit kijken tijdens het autorijden gebruiken.
Oefening 2 – Wat zag je in je spiegel?
Nadat je in je spiegel hebt gekeken, benoem je wat je daadwerkelijk hebt gezien.
Oefening 3 – Wat kan er gebeuren?
Kies een verkeersdeelnemer en bedenk wat die mogelijk gaat doen.
Oefening 4 – Maak eerder je plan
Zie je een situatie aankomen? Bedenk direct wat jij straks moet doen.
Oefening 5 – Hardop denken
Vertel tijdens het rijden wat je ziet, verwacht en gaat doen.
De hardop-denkmethode tijdens de rijles helpt je daarbij om de stap te maken van alleen kijken naar daadwerkelijk voorspellen, beslissen en handelen.
Deze oefeningen helpen je om van bewust kijken uiteindelijk automatisch kijkgedrag te maken.
Hoe lang duurt het voordat goed kijken automatisch gaat?
Dat verschilt sterk per leerling.
In het begin kost voertuigbediening nog veel aandacht. Naarmate dat gemakkelijker wordt, ontstaat er meer ruimte om informatie uit het verkeer te verwerken.
Daarom zegt hoeveel rijlessen je gemiddeld nodig hebt voor je rijbewijs niet precies hoeveel lessen jij nodig hebt om een goede kijktechniek te ontwikkelen.
De ene leerling pakt kijkgedrag snel op, terwijl een ander meer herhaling nodig heeft.
Het doel is uiteindelijk dat je niet meer bewust hoeft te denken:
“Nu moet ik in mijn spiegel kijken.”
Je kijkt omdat de verkeerssituatie daar aanleiding toe geeft.
Praktijktip van onze rijinstructeurs
Probeer jezelf tijdens het rijden drie vragen aan te leren:
Wat zie ik?
Wat kan er gebeuren?
Wat ga ik daarmee doen?
Die drie vragen vatten eigenlijk een groot deel van goed kijkgedrag samen.
Want alleen kijken is niet voldoende.
Waarnemen → Voorspellen → Evalueren → Beslissen → Handelen.
Wanneer die stappen steeds natuurlijker worden, ga je merken dat autorijden veel rustiger wordt.
Veelgestelde vragen over kijktechniek
Wat is een goede kijktechniek tijdens het autorijden?
Een goede kijktechniek betekent dat je je aandacht goed verdeelt, ver genoeg vooruit kijkt, je spiegels functioneel gebruikt en zijwegen en mogelijke gevaren tijdig waarneemt. Belangrijk is dat je de verzamelde informatie ook gebruikt.
Hoe vaak moet je in je spiegels kijken?
Daar is geen vast aantal seconden voor dat in iedere verkeerssituatie werkt. Je gebruikt je spiegels regelmatig en vooral wanneer je informatie nodig hebt, bijvoorbeeld voordat je snelheid verandert, afslaat, invoegt, uitvoegt of van rijstrook verandert.
Waarom kijk ik tijdens rijles te dichtbij?
Beginnende leerlingen besteden veel aandacht aan de bediening van de auto en hun positie op de weg. Daardoor komt de blik vaak dichter bij de auto te liggen. Door oefening en automatisering ontstaat meer ruimte om verder vooruit te kijken.
Moet je tijdens je rijexamen overdreven in de spiegels kijken?
Nee. Kijk functioneel en verzamel de informatie die je nodig hebt. Het gaat niet om overdreven hoofdbewegingen, maar om veilig rijgedrag waaruit blijkt dat je voldoende waarneemt.
Waarom moet je kijken voordat je remt?
Door vóór een snelheidsverandering in je spiegels te kijken, weet je wat er achter je gebeurt en kun je de totale verkeerssituatie beter beoordelen.
Hoe kan ik mijn kijktechniek snel verbeteren?
Oefen met ver vooruit kijken, benoem wat je in je spiegels ziet en probeer verkeerssituaties eerder te voorspellen.
De hardop-denkmethode kan hierbij goed helpen.
Tot slot
Een goede kijktechniek is niet een aangeleerd rijtje van spiegelbewegingen.
Het is een manier van voortdurend informatie verzamelen en verwerken.
Je kijkt vooruit, om je heen en achter je. Vervolgens gebruik je die informatie om te voorspellen wat er kan gebeuren en maak je op tijd een plan.
Bij Rijschool Butterhuizen besteden we tijdens de rijopleiding veel aandacht aan dit verschil.
We willen niet dat een leerling alleen kijkt omdat de instructeur zegt dat hij moet kijken.
Het doel is dat je zelf begrijpt waarom je kijkt, wat je ziet en wat je met die informatie moet doen.
Want zodra je verkeerssituaties eerder gaat herkennen, krijg je iets heel belangrijks terug:
tijd.
En meer tijd betekent meestal meer rust, betere beslissingen en uiteindelijk veiliger en zelfstandiger autorijden.