Skip to content
Waarom zakken leerlingen voor het rijexamen terwijl de rijlessen goed gingen?
23 min. leestijd Laatst bijgewerkt: 15-09-2026

Lees waarom dit gebeurt en welke rol spanning, zelfstandigheid en rijgedrag spelen.

Waarom zakken leerlingen voor het rijexamen terwijl de rijlessen goed gingen?

Kort antwoord: tijdens je rijlessen kan het heel goed gaan en toch kun je zakken voor je praktijkexamen. Dat betekent niet automatisch dat je ineens slecht hebt gereden. Tijdens een rijles krijg je vaak ongemerkt nog kleine beetjes hulp van je instructeur. Op het praktijkexamen moet je zelfstandig laten zien dat je verkeerssituaties kunt oplossen. Spanning kan daarnaast invloed hebben op je rijgedrag. Het belangrijkste is dat je ook zonder hulp vlot en besluitvaardig doorrijdt waar het kan en tijdig je snelheid aanpast waar dat nodig is.

Het is één van de vervelendste situaties tijdens een rijopleiding.

De laatste rijlessen gingen goed.

Je instructeur vond dat je klaar was voor het praktijkexamen.

Misschien heb je zelfs een paar goede proefexamens gereden.

En dan krijg je na het praktijkexamen te horen:

Je bent gezakt.

Hoe kan dat?

Was je dan toch niet klaar voor het examen?

Heeft je rijinstructeur je niveau verkeerd ingeschat?

Of heb je gewoon pech gehad?

Bij Rijschool Butterhuizen begeleiden we al meer dan 20 jaar leerlingen richting het praktijkexamen. We zien regelmatig dat leerlingen tijdens hun lessen goed rijden, maar op het examen toch niet het niveau laten zien dat ze normaal gesproken hebben.

Daar kunnen verschillende oorzaken voor zijn.

In dit artikel leggen we uit hoe dat kan en vooral wat je ervan kunt leren voor een volgend examen.


Goed rijden tijdens rijles is niet precies hetzelfde als zelfstandig examen rijden

Tijdens een rijles zit je instructeur naast je.

Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het maakt meer verschil dan veel leerlingen denken.

Je rijdt misschien zelf.

Je bedient zelf de auto.

Je bepaalt zelf de route aan de hand van de navigatie of opdrachten.

Maar ondertussen kent je instructeur jou heel goed.

Hij weet waar jouw zwakke punten zitten.

Hij ziet wanneer je twijfelt.

Hij merkt wanneer je iets niet hebt gezien.

En soms helpt hij je zonder dat je zelf doorhebt hoeveel invloed die hulp heeft.

Op het praktijkexamen verandert dat.

De examinator wil vooral zien:

Kun jij het zelfstandig?

Daarom is het belangrijk dat een goede instructeur richting het examen steeds minder voor je hoeft te doen. In Hoe weet je of je rijinstructeur goed lesgeeft? leggen we uitgebreid uit waarom het afbouwen van die hulp zo belangrijk is.


1. Je instructeur helpt tijdens rijlessen soms zonder dat je het merkt

Hulp hoeft niet te betekenen dat je instructeur letterlijk zegt:

“Remmen!”

Het kan veel subtieler zijn.

Bijvoorbeeld:

“Wat zie je daar?”

“Wat ga je met je snelheid doen?”

“Kijk nog eens goed.”

“Heb je die fietser gezien?”

“Kun je hier door?”

Of:

“Wat verwacht je dat die auto gaat doen?”

Door alleen zo’n vraag te stellen, word je ergens op gewezen.

Misschien pas je daardoor je snelheid aan.

Misschien kijk je nog een keer.

Misschien besluit je toch te wachten.

De uiteindelijke handeling voer jij zelf uit.

Maar je instructeur heeft je wel op het juiste spoor gezet.

Tijdens het praktijkexamen moet je dat spoor steeds vaker zelf vinden.


2. Zelfs lichaamstaal van je instructeur kan hulp zijn

Dit gaat nog subtieler.

Wanneer je tientallen uren met dezelfde instructeur in een auto zit, raak je aan elkaar gewend.

Misschien merk je aan je instructeur dat er iets aankomt.

Hij stopt met praten.

Hij gaat iets rechter zitten.

Hij kijkt nadrukkelijk naar links.

Hij beweegt zijn voet richting de pedalen.

Of hij kijkt op een bepaalde manier naar jou.

Je denkt misschien dat je volledig zelfstandig rijdt.

Maar onbewust pik je signalen op.

Een examinator ken je niet.

Die signalen zijn er ineens niet meer.

Dat is één van de redenen waarom het verstandig is om richting het examen steeds zelfstandiger te rijden.

Dit is ook een belangrijk punt wanneer je wilt beoordelen of je rijinstructeur daadwerkelijk goed lesgeeft. Een goede instructeur helpt waar nodig, maar moet die hulp richting het examen ook durven loslaten.


3. Een goede laatste rijles betekent niet dat je gegarandeerd slaagt

Dit is belangrijk.

Een praktijkexamen blijft een momentopname.

Je kunt tijdens je laatste drie rijlessen uitstekend rijden en tijdens het examen een paar verkeerde keuzes maken.

Andersom kan ook.

Je kunt een mindere laatste rijles hebben en daarna een prima examen rijden.

Een goede voorbereiding vergroot je kans om te slagen.

Maar niemand kan vooraf garanderen dat je slaagt.

Dat zou ook niet eerlijk zijn.

Tijdens het examen moet jij op dat moment laten zien dat je voldoende veilig en zelfstandig rijdt.

Wil je weten hoe het examen wordt opgebouwd? Lees dan Hoe werkt een praktijkexamen bij het CBR?.


4. Spanning kan je rijgedrag veranderen

Bijna iedereen heeft spanning voor het praktijkexamen.

Dat is normaal.

Een beetje spanning hoeft ook helemaal niet verkeerd te zijn.

Je bent geconcentreerd en weet dat het belangrijk is.

Maar bij sommige leerlingen zorgt spanning ervoor dat ze anders gaan rijden dan tijdens hun lessen.

En juist dát kan problemen geven.


5. Sommige leerlingen gaan op examen ineens veel te voorzichtig rijden

Dit zien we regelmatig.

Tijdens de rijlessen rijdt een leerling normaal gesproken lekker door.

Maar zodra de examinator naast hem zit, ontstaat de gedachte:

Ik mag absoluut geen fout maken.

Het gevolg?

De leerling gaat overal zekerheid zoeken.

Nog even wachten.

Nog iets eerder remmen.

Nog langzamer richting een kruispunt.

Toch maar niet gaan.

Nog een keer kijken.

Op zichzelf klinkt voorzichtigheid positief.

Maar wanneer je voortdurend onnodig voorzichtig rijdt, laat je ook zien dat je moeite hebt om verkeerssituaties zelfstandig te beoordelen.

Veilig rijden betekent namelijk niet:

zo langzaam mogelijk rijden.


6. Vlot en besluitvaardig rijden hoort óók bij goed autorijden

Wanneer je voldoende zicht hebt, er ruimte is en de verkeerssituatie het toelaat, moet je gewoon kunnen doorrijden.

Niet gehaast.

Niet agressief.

Maar wel:

vlot en besluitvaardig.

Zie je dat een rotonde vrij is?

Dan hoef je niet bijna stil te gaan staan omdat je examen doet.

Kun je veilig invoegen?

Dan moet je voldoende snelheid maken en de beschikbare ruimte gebruiken.

Heb je voorrang en is de situatie duidelijk?

Dan hoef je niet automatisch te wachten omdat je bang bent iets verkeerd te doen.

Een examinator wil kunnen zien dat jij verkeerssituaties durft op te lossen.


7. Andersom kun je door spanning juist te gehaast gaan rijden

Niet iedereen wordt voorzichtig van spanning.

Sommige leerlingen krijgen juist haast.

Ze willen alles perfect doen.

Ze willen laten zien dat ze kunnen rijden.

Daardoor nemen ze beslissingen sneller dan normaal.

Dan ontstaat het tegenovergestelde probleem.

Je rijdt bijvoorbeeld te lang met dezelfde snelheid door terwijl je vooruit al kunt zien dat een situatie mogelijk om aanpassing vraagt.

Daarom zoeken we tijdens de rijopleiding altijd naar de balans tussen:

vlot doorrijden waar het kan

en

tijdig snelheid aanpassen waar het nodig is.


8. Tijdig snelheid aanpassen is iets anders dan overal langzaam rijden

Dit verschil is ontzettend belangrijk.

Stel dat je richting een onoverzichtelijk kruispunt rijdt.

Dan hoef je niet honderden meters ervoor al heel langzaam te gaan rijden.

Je moet eerst kijken wat je kunt waarnemen.

Is er voldoende overzicht?

Kan er verkeer aankomen dat invloed op jou heeft?

Kun je de situatie al goed beoordelen?

Wanneer het nodig is, pas je tijdig je snelheid aan.

Daardoor houd je tijd en ruimte over.

Maar blijkt dat je gewoon veilig kunt doorrijden?

Dan rijd je daarna ook weer vlot verder.

Dat is zelfstandig autorijden.


9. Op examen moet je zelf die balans vinden

Je instructeur kan tijdens de opleiding helpen om die balans te ontwikkelen.

Maar uiteindelijk moet jij hem zelf vinden.

Je moet zelf voelen:

Hier hoef ik niets mee. Ik kan gewoon lekker doorrijden.

En even later:

Hier moet ik wél iets mee. Ik haal nu alvast mijn snelheid eruit.

Dat moet niet gebeuren omdat iemand naast je zegt:

“Gas los.”

Je moet het zelf herkennen.

Juist wanneer je dat consequent kunt, wordt je rijgedrag rustiger en voorspelbaarder.


10. Je kunt technisch goed rijden en toch nog niet helemaal examenklaar zijn

Dit is soms lastig voor leerlingen om te begrijpen.

Je kunt uitstekend kunnen:

  • sturen;
  • schakelen;
  • parkeren;
  • keren;
  • invoegen;
  • uitvoegen;
  • rotondes rijden;
  • en de auto bedienen.

En toch nog niet helemaal klaar zijn voor het praktijkexamen.

Waarom?

Omdat autorijden uiteindelijk niet alleen bestaat uit het bedienen van een auto.

Je moet voortdurend zelf keuzes maken.

Hoe hard rijd ik hier?

Hoeveel ruimte heb ik?

Moet ik iets met die fietser?

Kan die voetganger oversteken?

Wat gaat die auto waarschijnlijk doen?

Kan ik door?

Moet ik wachten?

Wanneer je instructeur bij die keuzes nog regelmatig moet helpen, zit daar vaak het laatste gedeelte van je rijopleiding.

Daarom zegt alleen het aantal gevolgde rijlessen niet alles over je niveau. Een goede instructeur moet kunnen uitleggen waarom je wel of nog niet klaar bent. Dat is ook één van de punten waaraan je een goede rijinstructeur kunt herkennen.


11. Een proefexamen tijdens rijles kan veel duidelijk maken

Richting het praktijkexamen kan het nuttig zijn om een gedeelte van een rijles anders in te richten.

De instructeur helpt dan zo weinig mogelijk.

Geen:

“Let op.”

Geen:

“Wat zie je?”

Geen:

“Denk aan je snelheid.”

Geen:

“Je kunt gaan.”

Gewoon rijden.

De instructeur observeert.

Daardoor wordt veel duidelijker wat je werkelijk zelfstandig kunt.

Soms ontdekt een leerling dan zelf:

Hé, normaal zegt mijn instructeur hier inderdaad iets.

Dat is waardevolle informatie vóórdat je naar het CBR gaat.

Meer over goede begeleiding lees je in Hoe weet je of je rijinstructeur goed lesgeeft?.


12. Een tussentijdse toets kan helpen om het verschil te ervaren

Een tussentijdse toets kan ook helpen om kennis te maken met een examensituatie.

Je rijdt dan met een examinator en krijgt na afloop feedback.

Daardoor ervaar je:

  • hoe het is wanneer iemand anders naast je zit;
  • hoe je reageert op spanning;
  • hoe zelfstandig je rijdt;
  • en welke aandachtspunten er nog zijn richting het praktijkexamen.

Een tussentijdse toets is niet verplicht.

Maar voor sommige leerlingen kan het een waardevol meetmoment zijn.

Onder bepaalde voorwaarden kun je bovendien vrijstelling verdienen voor de bijzondere verrichtingen tijdens je eerste praktijkexamen.

Lees hierover Wat is een tussentijdse toets en wat heb je eraan?.


13. Eén fout betekent niet automatisch dat je zakt

Veel leerlingen beginnen hun praktijkexamen met de gedachte:

Ik mag geen fouten maken.

Dat is geen handige gedachte.

Iedere automobilist maakt weleens een minder mooie keuze.

Ook tijdens een praktijkexamen hoeft niet iedere handeling perfect te zijn.

Het gaat om het totaalbeeld van je rijgedrag.

Een kleine fout hoeft daarom niet automatisch het einde van je examen te betekenen.

Het gevaar ontstaat juist wanneer je na een fout denkt:

Nu ben ik gezakt.

Want dan ben je met die vorige situatie bezig terwijl de volgende verkeerssituatie alweer voor je neus staat.

Lees ook Wat zijn de meest gemaakte fouten tijdens het rijexamen?.


14. Blijf na een fout gewoon autorijden

Stel:

je schakelt een keer niet mooi.

Je motor slaat af.

Je kiest een keer niet de handigste rijstrook.

Of een bijzondere verrichting gaat niet perfect.

Dan is je examen niet automatisch voorbij.

Los het op.

Blijf rustig.

En ga verder.

De volgende verkeerssituatie vraagt opnieuw je volledige aandacht.

Een leerling die een fout veilig herstelt en daarna zelfstandig verder rijdt, laat ook iets zien.

Namelijk dat hij of zij niet volledig van slag raakt wanneer iets anders loopt dan gepland.


15. Soms lijkt één situatie de reden dat je gezakt bent, maar speelt er meer

Na het examen onthoud je vaak één moment.

“Ik ben gezakt door die fietser.”

Of:

“Het kwam door die rotonde.”

Maar de beoordeling kan breder zijn.

Misschien waren er tijdens de rit meerdere momenten waarop je:

  • te laat snelheid aanpaste;
  • te afwachtend was;
  • onvoldoende ruimte gebruikte;
  • beslissingen uitstelde;
  • te weinig keek;
  • of onvoldoende zelfstandig reageerde.

De ene situatie die je onthoudt, kan dan onderdeel zijn van een groter patroon.

Daarom is de nabespreking na het examen belangrijk.

Meer voorbeelden van fouten en patronen die tijdens een examen kunnen terugkomen, vind je in Wat zijn de meest gemaakte fouten tijdens het rijexamen?.


16. Luister goed naar de uitleg van de examinator

Wanneer je bent gezakt, wil je waarschijnlijk vooral weten:

Waarom?

Luister daarom goed naar de nabespreking.

Probeer niet direct in discussie te gaan.

Je hoeft het niet met ieder detail eens te zijn om iets aan de feedback te hebben.

Probeer vooral te begrijpen:

Wat zag de examinator tijdens mijn rit?

En:

Zit daar een patroon in waar ik tijdens mijn rijlessen verder mee kan?

Je instructeur kan helpen om die feedback te vertalen naar concrete oefeningen voor je herexamen.

Lees voor de vervolgstappen ook Wat gebeurt er als je zakt voor je rijexamen?.


17. Je instructeur kan tijdens het examen een ander beeld krijgen dan tijdens de lessen

Wanneer je instructeur meerijdt tijdens het praktijkexamen, kan dat leerzaam zijn.

Hij kent jouw normale niveau.

Daardoor kan hij na afloop vergelijken:

Was dit hoe je normaal rijdt?

Misschien zegt hij:

“Dit was echt veel voorzichtiger dan tijdens je lessen.”

Of:

“Je reed vandaag gehaaster dan normaal.”

Of juist:

“Dit was eigenlijk hetzelfde aandachtspunt dat we tijdens de lessen ook nog zagen.”

Dat helpt om te bepalen wat richting het herexamen nodig is.


18. Gezakt terwijl je instructeur dacht dat je er klaar voor was: heeft de instructeur het dan fout gehad?

Niet automatisch.

Een instructeur kan beoordelen of jij tijdens je rijlessen voldoende niveau laat zien om verantwoord examen te doen.

Maar hij kan niet voorspellen wat er tijdens iedere minuut van het praktijkexamen gaat gebeuren.

Je kunt klaar zijn voor het examen en toch zakken.

Net zoals iemand goed voorbereid kan zijn op een schoolexamen en toch een onvoldoende kan halen.

Wel is het verstandig om na het zakken samen kritisch te kijken:

Was dit een slechte examendag?

Of:

Was er toch een onderdeel waarop tijdens de lessen nog te veel hulp werd gegeven?

Die tweede vraag is belangrijk.

Wanneer je structureel twijfelt of je instructeur jouw niveau goed beoordeelt, is het verstandig om eerst te kijken hoe je kunt herkennen of je rijinstructeur goed lesgeeft. Eén gezakt examen betekent namelijk niet automatisch dat je instructeur slecht is.


19. Soms blijkt pas op het examen hoeveel hulp je tijdens de lessen kreeg

Dit sluit aan op een belangrijk onderdeel van hoe je een goede rijinstructeur herkent.

Een instructeur moet richting het examen steeds meer loslaten.

Wanneer dat niet voldoende gebeurt, kan een leerling een verkeerd beeld van zijn eigen niveau krijgen.

De lessen gaan lekker.

Er zijn weinig fouten.

Maar dat komt gedeeltelijk doordat de instructeur precies op de juiste momenten nog een kleine aanwijzing geeft.

Op het examen valt die ondersteuning weg.

Dan kunnen ineens problemen zichtbaar worden die tijdens de lessen minder opvielen.

Daarom vinden wij het belangrijk dat leerlingen vóór het examen ook echt stukken rijden waarbij de instructeur zo weinig mogelijk helpt.


20. “Ik rij normaal nooit zo” kan echt waar zijn

Na een gezakt examen zeggen leerlingen regelmatig:

“Ik heb tijdens mijn rijlessen nog nooit zo gereden.”

Dat kan absoluut waar zijn.

Spanning kan invloed hebben op:

  • concentratie;
  • waarneming;
  • snelheid;
  • timing;
  • besluitvorming;
  • motoriek;
  • en zelfvertrouwen.

Maar uiteindelijk moet je wel leren omgaan met een bepaalde hoeveelheid spanning.

Je hoeft tijdens het examen niet volledig ontspannen te zijn.

Je moet ondanks die spanning voldoende blijven rijden zoals je tijdens je lessen hebt geleerd.

Heb je veel last van zenuwen? Lees dan Hoe kun je zenuwen voor je rijexamen verminderen?.


21. Probeer op het examen niet ineens “examenrijden” te laten zien

Dit is misschien wel één van de beste adviezen.

Ga niet ineens anders rijden omdat er een examinator naast je zit.

Sommige leerlingen denken:

Nu moet ik extra goed kijken.

Dus bewegen ze overdreven met hun hoofd.

Of:

Nu moet ik extra veilig rijden.

Dus gaan ze overal langzamer rijden.

Of:

Nu moet ik laten zien dat ik besluitvaardig ben.

Dus nemen ze ineens sneller beslissingen dan tijdens de lessen.

Niet doen.

De bedoeling is juist dat je rijdt zoals je tijdens je goede rijlessen rijdt.


22. De examinator zoekt geen perfect ritje

Het praktijkexamen is geen wedstrijd wie het mooiste kan autorijden.

De examinator wil beoordelen of jij voldoende veilig en zelfstandig aan het verkeer kunt deelnemen.

Daarbij kijkt hij naar het totaalbeeld.

Je hoeft dus niet te proberen een foutloze demonstratie neer te zetten.

Dat zorgt vaak alleen maar voor extra spanning.

Rijd zoals je hebt geleerd.

Los situaties op.

Maak je een fout?

Herstel hem wanneer dat mogelijk is en ga verder.

Wil je vooraf precies weten wat je tijdens het examen kunt verwachten? Lees dan Hoe werkt een praktijkexamen bij het CBR?.


23. Waarom zakken leerlingen vaak op snelheid?

Snelheid gaat niet alleen over de maximumsnelheid.

Dat is belangrijk.

Je kunt keurig overal onder de maximumsnelheid blijven en toch niet goed met snelheid omgaan.

De vraag is namelijk:

Past je snelheid bij de situatie?

Soms betekent dat dat je gewoon vlot richting de toegestane snelheid rijdt.

Soms betekent het dat je ruim daarvoor al snelheid moet aanpassen.

Het gaat om de reden achter je snelheid.

Een leerling die automatisch bij iedere onduidelijke situatie sterk afremt, laat iets anders zien dan een leerling die eerst beoordeelt wat nodig is.


24. Waarom besluitvaardigheid zo belangrijk is

In het verkeer moet je voortdurend beslissingen nemen.

Wachten of gaan.

Invoegen of nog even achter die auto blijven.

Doorrijden of snelheid aanpassen.

Ruimte nemen of ruimte geven.

Een goede bestuurder doet dat niet roekeloos.

Maar ook niet eindeloos twijfelend.

Wanneer je voldoende informatie hebt om een veilige beslissing te nemen, moet je die beslissing ook durven uitvoeren.

Daarom spreken wij vaak over:

lekker vlot en besluitvaardig doorrijden waar het kan.

Dat laat zien dat je de situatie begrijpt en erop vertrouwt dat je hem zelfstandig kunt oplossen.


25. Waarom vooruitkijken zoveel verschil maakt

Veel problemen met snelheid ontstaan eigenlijk eerder.

Niet bij het remmen zelf.

Maar bij het moment waarop je de situatie herkent.

Wanneer je pas vlak voor een probleem ziet dat je iets moet doen, moet je vaak behoorlijk sterk reageren.

Zie je dezelfde situatie eerder?

Dan kun je rustig je snelheid aanpassen.

Je creëert tijd.

Je creëert ruimte.

En je houdt meer mogelijkheden over.

Dat maakt je rijgedrag rustiger.

Meer hierover lees je in Wat is verkeersinzicht en hoe kun je het verbeteren?.


26. Wat moet je doen nadat je gezakt bent?

Het eerste wat je waarschijnlijk voelt is teleurstelling.

Dat mag.

Je hebt er veel tijd en geld in gestoken en wilde natuurlijk graag slagen.

Maar daarna is het belangrijk om zo concreet mogelijk te worden.

Vraag:

  • waarom ben ik gezakt?
  • was er één duidelijk probleem of waren er meerdere?
  • reed ik anders dan normaal?
  • speelde spanning een grote rol?
  • hielp mijn instructeur tijdens de lessen misschien nog op dit onderdeel?
  • welke situaties moeten we opnieuw oefenen?
  • en hoe zorgen we dat ik dit de volgende keer zelfstandig oplos?

Dan wordt een gezakt examen geen eindpunt, maar informatie voor je volgende stap.

Lees ook Wat gebeurt er als je zakt voor je rijexamen?.


27. Moet je na het zakken meteen heel veel extra lessen nemen?

Niet automatisch.

Het aantal lessen dat je na een gezakt examen nodig hebt, hangt af van de reden waarom je bent gezakt.

Was je niveau eigenlijk goed en speelde vooral spanning een rol?

Dan is dat iets anders dan wanneer tijdens het examen blijkt dat je op meerdere onderdelen nog structureel hulp nodig hebt.

Maak daarom samen met je instructeur een plan.

Niet:

“We doen gewoon nog tien lessen.”

Maar:

“Dit waren de aandachtspunten en hier gaan we gericht aan werken.”

Zo hebben de lessen richting je herexamen een duidelijk doel.

Een goede instructeur moet kunnen uitleggen waarom extra lessen nodig zijn en waaraan je gaat werken. Dat is één van de kenmerken die we uitgebreider behandelen in Hoe weet je of je rijinstructeur goed lesgeeft?.


28. Wanneer kan een andere instructeur helpen?

Soms kan een frisse blik nuttig zijn.

Bijvoorbeeld wanneer je meerdere keren bent gezakt of wanneer steeds hetzelfde probleem terugkomt.

Een andere instructeur ziet soms dingen die je vaste instructeur na veel lessen minder snel opmerkt.

Dat betekent niet automatisch dat je van rijschool moet veranderen.

Een les met een collega-instructeur kan soms al nieuwe informatie geven.

Blijf je twijfelen over je huidige rijschool of instructeur?

Lees dan Overstappen naar een andere rijschool: hoe werkt dat?.

Ben je daarna daadwerkelijk op zoek naar een andere rijschool, kijk dan niet alleen naar prijs of slagingspercentage. Lees ook Hoe kies je een goede rijschool in Alkmaar? of Wat is de beste rijschool in Heerhugowaard?.


29. Meerdere keren gezakt betekent niet dat je nooit zult slagen

Wanneer je voor de tweede of derde keer zakt, kan het voelen alsof je het nooit gaat halen.

Maar ieder examen levert informatie op.

Belangrijk is wel dat je niet iedere keer exact hetzelfde blijft doen.

Wanneer hetzelfde probleem terugkomt, moet je onderzoeken:

waarom blijft dit gebeuren?

Misschien ligt de oorzaak niet bij de handeling waarop je wordt afgewezen.

Misschien zit het eerder in:

  • vooruitkijken;
  • spanning;
  • besluitvaardigheid;
  • snelheid;
  • onzekerheid;
  • of te grote afhankelijkheid van instructie.

Pas wanneer je de oorzaak aanpakt, kan er echt iets veranderen.

Blijf je na meerdere examens twijfelen of de begeleiding nog bij je past, dan kan een tweede beoordeling verstandig zijn. Dat betekent niet dat je direct moet wisselen, maar je kunt wel onderzoeken of je rijinstructeur goed lesgeeft of wat er komt kijken bij overstappen naar een andere rijschool.


30. Wanneer ben je dan écht klaar voor je praktijkexamen?

Je bent niet examenklaar omdat je een bepaald aantal rijlessen hebt gehad.

Ook niet omdat je alle bijzondere verrichtingen één keer goed kunt uitvoeren.

En ook niet omdat je drie examenroutes kent.

Je komt richting examenniveau wanneer je instructeur tijdens normale ritten steeds minder hoeft te helpen.

Je rijdt zelfstandig.

Je maakt zelf keuzes.

Je lost onverwachte situaties op.

En vooral:

je vindt zelf de juiste balans tussen vlot en besluitvaardig doorrijden waar het kan en tijdig je snelheid aanpassen waar dat nodig is.

Dat betekent niet dat iedere rit perfect moet zijn.

Het betekent dat jij laat zien dat je zelfstandig met het verkeer kunt omgaan.


31. Wat wij bij Rijschool Butterhuizen richting het examen belangrijk vinden

Bij Rijschool Butterhuizen willen we richting het praktijkexamen steeds minder nodig zijn.

In het begin van je opleiding geeft je instructeur veel uitleg.

Later wordt dat minder.

Richting het examen moet jij steeds vaker degene zijn die de situatie oplost.

Wij vinden daarbij vooral de balans belangrijk.

Is er ruimte?

Is er overzicht?

Is er geen reden om in te houden?

Dan lekker doorrijden.

Ontstaat er verderop een situatie waarbij je mogelijk ruimte of tijd nodig hebt?

Dan tijdig aanpassen.

Niet pas reageren wanneer het probleem vlak voor je auto staat.

Maar ook niet uit voorzorg overal langzaam gaan rijden.

Wanneer je dat zelfstandig kunt, wordt je rijgedrag rustiger, vlotter en besluitvaardiger.

En dat is precies wat je na het behalen van je rijbewijs ook nodig hebt wanneer er geen instructeur meer naast je zit.

Meer over onze rijlessen vind je bij Rijschool Butterhuizen in Alkmaar en Rijschool Butterhuizen in Heerhugowaard.


Conclusie: waarom zak je terwijl je rijlessen goed gingen?

Omdat een praktijkexamen een andere situatie is dan een normale rijles.

Tijdens je lessen kan je instructeur je soms ongemerkt nog helpen.

Op het examen valt die hulp grotendeels weg.

Daarnaast kan spanning ervoor zorgen dat je ineens:

  • voorzichtiger rijdt;
  • meer twijfelt;
  • te langzaam rijdt;
  • juist gehaast wordt;
  • later kijkt;
  • of beslissingen anders neemt dan normaal.

Dat betekent niet automatisch dat je rijopleiding slecht is geweest of dat je helemaal niet klaar was voor het examen.

Wel is een gezakt examen een goed moment om kritisch te kijken naar de oorzaak.

Wat gebeurde er werkelijk?

En vooral:

wat moet de volgende keer zelfstandig beter?

Probeer bij je herexamen niet perfect te rijden.

Probeer te rijden zoals je tijdens je goede rijlessen rijdt.

Lekker vlot en besluitvaardig waar het kan.

Tijdig je snelheid aanpassen waar het nodig is.

Maak je een fout?

Los hem op en rijd verder.

Uiteindelijk gaat het er niet om dat je een foutloze rit uit je hoofd hebt geleerd.

Het gaat erom dat je laat zien dat je zelfstandig kunt autorijden.


Veelgestelde vragen

Waarom rijd ik tijdens mijn rijlessen goed en zak ik toch voor mijn examen?

Tijdens je rijlessen kan je instructeur ongemerkt nog kleine aanwijzingen geven. Daarnaast kan spanning ervoor zorgen dat je tijdens het praktijkexamen anders rijdt dan normaal.

Betekent zakken dat ik nog niet klaar was voor het praktijkexamen?

Niet automatisch. Een praktijkexamen is een momentopname. Je kunt voldoende voorbereid zijn en toch een mindere rit rijden. Wel is het verstandig om na het examen kritisch te bekijken waarom je bent gezakt.

Kun je zakken omdat je te voorzichtig rijdt?

Ja. Veilig rijden betekent niet dat je overal langzaam of afwachtend moet rijden. Wanneer de situatie het toelaat, moet je vlot en besluitvaardig kunnen doorrijden.

Kun je zakken door één fout?

Niet iedere fout betekent automatisch dat je zakt. Het gaat om het totaalbeeld en de aard en gevolgen van de fout. Blijf daarom na een fout geconcentreerd verder rijden. Bekijk ook de meest gemaakte fouten tijdens het rijexamen.

Waarom rijd ik op mijn examen ineens veel langzamer?

Dat gebeurt vaak door spanning en de angst om fouten te maken. Hierdoor gaan sommige leerlingen onnodig veel zekerheid zoeken en verliezen ze de vlotheid die ze tijdens hun rijlessen wel laten zien.

Hoeveel helpt een rijinstructeur ongemerkt tijdens de lessen?

Dat verschilt. Zelfs een kleine vraag als “Wat zie je hier?” kan al invloed hebben op je beslissing. Richting het examen moet die hulp daarom steeds verder worden afgebouwd. Meer hierover lees je in Hoe weet je of je rijinstructeur goed lesgeeft?.

Moet mijn rijinstructeur voor het examen helemaal niets meer zeggen?

Nee. Je hebt nog steeds rijles. Maar het is wel verstandig om regelmatig langere stukken te rijden waarbij je instructeur zo weinig mogelijk helpt, zodat duidelijk wordt wat je zelfstandig kunt.

Wat moet ik doen als ik tijdens het examen een fout maak?

Blijf rijden. Probeer de situatie veilig op te lossen en richt je daarna op wat vóór je gebeurt. Ga niet tijdens de rest van je examen nadenken over een fout die al voorbij is.

Wat kan ik doen tegen zenuwen tijdens het rijexamen?

Goede voorbereiding, voldoende zelfstandige oefening en weten wat je tijdens het examen kunt verwachten kunnen helpen. Lees ook Hoe kun je zenuwen voor je rijexamen verminderen?.

Moet ik na een gezakt examen van rijschool veranderen?

Meestal niet. Kijk eerst waarom je bent gezakt en bespreek dit met je instructeur. Wanneer je structureel twijfelt aan de begeleiding of steeds tegen hetzelfde probleem aanloopt, kan een tweede beoordeling door een andere instructeur nuttig zijn. Lees dan ook Overstappen naar een andere rijschool: hoe werkt dat?.


 

 

Over Rijschool Butterhuizen

Al meer dan 20 jaar een begrip! Rijlessen in Heerhugowaard, Alkmaar en omliggende gebieden.

Bij ons geven alleen ervaren, rustige, gezellige en (faalangst) gekwalificeerde instructeurs rijles.

Meer dan 10.000 succesvolle leerlingen gingen je voor en beoordeelden ons met een indrukwekkende score van 9.6/10.

Check onze socials!

Over Rijschool Butterhuizen

Al meer dan 20 jaar een begrip! Rijlessen in Heerhugowaard, Alkmaar en omliggende gebieden.

Bij ons geven alleen ervaren, rustige, gezellige en (faalangst) gekwalificeerde instructeurs rijles.

Meer dan 10.000 succesvolle leerlingen gingen je voor en beoordeelden ons met een indrukwekkende score van 9.6/10.

Check onze socials!